17 september 2022 / 

 / 

“Het koningschap en de les van Engeland”

queen elisabeth

Onder die titel schreef Scholten in 1937 een kort stukje in het Algemeen Weekblad voor Christendom en Cultuur, een blad waarin hij in die tijd vaker publiceerde. Naar aanleiding van de recente troonswisseling in Engeland heb ik dat stukje nog eens herlezen. Ik vat het hieronder eerst samen en probeer vervolgens er wat lessen voor nu uit te trekken.

De troonswisseling in Engeland in 1936

Wat was de aanleiding voor Scholten om naar de pen te grijpen? In Engeland was op 11 december 1936 koning Edward VIII afgetreden (“geabdiceerd”), binnen een jaar nadat hij was geïnstalleerd als koning. De reden was dat hij wilde trouwen met een vrouw die al twee maal gescheiden was. De Engelse minister-president, Baldwin, had zich daartegen verzet. Bovendien wees de Church of England, waarvan de Engelse koning het hoofd is, het aangaan van een nieuw huwelijk na echtscheiding (terwijl de voormalige echtgenoot nog in leven is) af. Er dreigde een constitutionele crisis. Om die te vermijden, trad Edward af. Wat schrijft Scholten daarover?

Ten eerste: “Een huwelijk met ’n tweemaal gescheiden vrouw is voor een Koning eenvoudig niet mogelijk.” Hij laat meteen daarop volgen: “Men heeft gezegd, dat in dat oordeel huichelarij zit: een relatie buiten huwelijk zou wèl geduld zijn. Misschien — al mag men hopen, dat de kerk, wier rol in dit gebeuren uit den aard der zaak nog niet geheel bekend is, al Staat wel vast dat zij overwegende beteekenis had, ook dan een krachtig woord zou hebben gesproken.” Dat laatste is wel erg actueel, nu er met Charles III een koning op de troon zit die met zijn jarenlange relatie buiten huwelijk zijn wettige echtgenote bewust en stelselmatig heeft geschoffeerd. Maar dat terzijde.

Vervolgens komt er een verrassende uitspraak: “Een Koning kan geen afstand doen. Zelfs bij ziekte of ouderdom, schijnt afstand mij ongewenscht, maar dit laat ik er nu buiten. Doch een afstand, die als dit terugtreden een neerleggen van een ambt is, vrijwillig in volle kracht, is met ’t wezen van het Koningschap in strijd.” Zou Queen Elizabeth dit misschien gelezen hebben, vraag je je af.

Maar… als je koning bent, geen afstand kunt doen van de troon, en toch iets wilt wat onverenigbaar is met dat koningschap, wat moet je dán? Scholtens oordeel is duidelijk: “uit het geheele verloop van de zaak blijkt, dat het hem (Edward VIII; WB) niet volledig ernst was, Koning te zijn”. Ik citeer nogmaals: “huichelarij is het niet, als men van den koning, juist van den koning, een naar buiten, aan het volk en de wereld blijkende houding eischt, die, afgezien van innerlijke motieven en moreele waardeering, een koning waardig is”. De conclusie kan geen andere zijn dan dat de Koning zijn Koningschap in zo’n geval voorrang moet geven boven zijn persoonlijke wensen. Van Queen Elizabeth is geschreven dat zij dat laatste consequent heeft gedaan – misschien wel té consequent, voeg ik daaraan toe, als je kijkt naar wat er van haar gezin geworden is (helaas). Maar het zal geen geringe opgave zijn voor een regerend vorst om hierin het juiste evenwicht te vinden.

De visie van Scholten

Je zou schouderophalend kunnen zeggen: ach, dat was Scholten, dat was 1936; wij denken daar nu anders over. Om even bij dat laatste te beginnen: dénken wij eigenlijk nog wel na over dit soort vragen? Of laten we ons meedrijven met de stroom, laten we de dingen min of meer aan ons voorbij gaan? Het boeiende – en tevens uitdagende – van Scholtens visie is voor mij, dat hier drie lijnen samenkomen: een visie op het huwelijk, een visie op het Koningschap en een visie op de verhouding tussen Kerk en Staat.

De visie op het huwelijk. Scholten schrijft onomwonden: “Het is tenslotte de Christelijke overtuiging omtrent het huwelijk, die heeft gezegevierd”. Zeggen wij hem dat anno 2022 als christenen c.q. christenjuristen nog na? Durven we hem dat nog na te zeggen? Bezitten wij nog een eenduidige “Christelijke overtuiging omtrent het huwelijk”?
Dan de visie op het koningschap. “Het Koningschap is (…) niet opgedragen door het volk, het kan niet teruggegeven worden aan het volk. Men wordt het niet door eigen wil — kan het dus ook niet zelf beëindigen. De eenmaal historisch bepaalde band is onverbrekelijk. Wij kunnen dit ook zoo zeggen: de Koning regeert bij de gratie Gods. (…) als er waarlijk een Koning is, regeert die bij de gratie Gods. Hij is geroepen. (…) De Koning is het volk van boven gegeven”, aldus Scholten.
En ten slotte de visie op de verhouding tussen Kerk en Staat. Ik citeer weer: “De Engelsche kerk heeft in deze weken getoond, dat haar kerkbesef sterk is, dat zij haar taak begrijpt, een taak desnoods tegen den Koning. (…) Het is duidelijk dat het in Engeland de Kerk is geweest, direct en indirect door haar invloed op het volk, die dit woord (over de morele waardering van het huwelijk en het koningschap; WB) gesproken heeft. (…) Het is een les, die Engeland de wereld gegeven heeft over de positie van de Kerk in het staatsleven. (…) de Koning regeert bij de genade Gods; (is) daarom dienaar èn heer. De Kerk moet dat het volk inprenten — gelijk de Kerk, en ook alleen zij, het den Koning kan voorhouden.”

Het is duidelijk dat hier veel meer over te zeggen valt dan ik in maximaal duizend woorden kan doen. Scholten heeft er ook meer over gezegd. Misschien kom ik daar in een latere blog nog wel eens op terug. Het is er prikkelend genoeg voor. Ik stelde de vraag of wij eigenlijk nog wel nadenken over de kwesties die hier aan de orde zijn. Scholtens opdracht is duidelijk: “wij als Christenjuristen (zijn) tot een onderzoeken onzer problemen uit dit oogpunt (d.w.z.: vanuit de Bijbel; WB) verplicht”. Wordt vervolgd, dus.

Het opstel van Scholten uit 1937 is hier te vinden.

Deze blog is de elfde aflevering in een serie over rechtsgeleerde Paul Scholten, geschreven door jurist Wim Borst.

Lees ook in deze serie:
Blog 1: ‘Paul Scholten, wie was hij?’
Blog 2: ‘Mijn kennismaking met Paul Scholten.’
Blog 3: ‘Paul Scholten en de oorlog: ”Zoo is dan de oorlog weder losgebroken over Europa.
Blog 4: ‘Paul Scholten over vrede: ”Vrede maken, vrede stichten: het is bij uitstek de taak van de kerk.’
Blog 5: ‘De receptie van het werk van Paul Scholten.’
Blog 6: ‘Rechtsvinding: ratio en intuïtie.’
Blog 7: ‘Waarheid: de kwetsbare grondslag van het recht’
Blog 8: ‘Recht en artificiële intelligentie’
Blog 9: ‘Tot het Oude Testament zullen wij ons meer hebben te wenden…‘(1)
Blog 10: ‘Tot het Oude Testament zullen wij ons meer hebben te wenden…‘(2)

Een overzicht van deze blogserie is te vinden op de webpagina van ons juristennetwerk.

Verder lezen?

Nu jij!

Wat denk jij? Reageer hieronder!