15 april 2025 / 

 / 

“Geistreich streiten”

“Geistreich streiten” – dat was dit jaar het thema van de Bundestagung (landelijke conferentie) van de Duitse vereniging Christ und Jurist, in het weekend van 4 tot 6 april in Hamburg. Vorig jaar met 140, deze keer met 80 deelnemers (omdat men in het centrum van Hamburg niet een plek kon vinden die groter en toch nog betaalbaar was).

Ik moet bekennen dat ik aanvankelijk niet goed wist wat dat betekende: “geistreich streiten”. In eerste instantie dacht ik aan de geestelijke strijd waarover we lezen in hoofdstuk 6 van Paulus’ brief aan de Efeziërs. Toch eens gekeken in het woordenboek. Het bleek om iets heel anders te gaan. “Streiten” = ruzie maken, twisten, kibbelen, ruziën. Voorbeelden: die streitenden Kinder = de ruziënde / kibbelende kinderen; (juridisch) die streitenden Parteien = de tegenover elkaar staande partijen, de procespartijen (Van Dale). Dus daar ging het over: juridische geschillen.

En is dan “geistreich” hetzelfde als “geistlich”? Nee. “Geistreich” = 1. Geestrijk, ingenieus, vol esprit, intelligent; ein geistreicher Einfall = een ingenieuze inval; ein geistreicher Schriftsteller = een geestrijk schrijver; 2. Geestig, puntig, spiritueel, spits; geistreiche Worte = puntige / geestige woorden (aldus nog steeds Van Dale).

Dus het gaat over hoe je op een intelligente manier omgaat met juridische geschillen. Dat was ook de vraagstelling voor de Bundestagung. In de uitnodiging werd die als volgt verwoord: Wie geht das: Streiten im Heiligen Geist? Als Juristen ist Streit unser tägliches Brot und wir müssen uns fragen lassen, ob wir aus christlichem Geist heraus anders streiten als andere. Daarover gingen dus de lezingen en de workshops.

Als observatie vooraf: uit deze tekst blijkt al dat “geistreich streiten” wel iets, maar niet totaal iets anders is dan de geestelijke strijd van Efeze 6; ze hebben zéker met elkaar te maken.

En een tweede observatie vooraf: de geciteerde tekst uit de uitnodiging lijkt te verwijzen naar conflicten tussen procespartijen (mensen van vlees en bloed) in een concreet geschil. Dat is een nogal beperkte kijk op het rechtsbedrijf. Professor Schadee, in de jaren ’70 hoogleraar zeerecht in Rotterdam (en de ontwerper van Boek 8 van het Nieuw BW) zei destijds: “rechters zijn ziekteverschijnselen”. Oftewel: het gezonde rechtsleven speelt zich af buiten de rechtszaal. En, voeg ik eraan toe, dan gaat het niet alleen over concrete geschillen tussen concrete partijen, maar ook over abstractere conflicten tussen beginselen, waarden en belangen in bijvoorbeeld beleid (politiek) en wetgeving.

Lezingen en workshops

De Bundestagung pleegt te worden geopend op vrijdagavond met een “Erfahrungsbericht”: een soort van getuigenis van een praktijkjurist hoe die in zijn of haar beroep de verbinding legt met zijn geloof. Deze keer was het Sascha Böttner, advocaat in strafzaken. Ik hoor mensen nogal eens zeggen: hoe kan iemand nou advocaat zijn voor een grote crimineel die de vreselijkste dingen heeft gedaan. Böttners heldere antwoord was: ik verdedig niet de daad, maar de rechten van de verdachte.

De zaterdag werd – eveneens: naar gewoonte – geopend met een ochtendgebed, dit keer geleid door Christian Schürmann, een advocaat die zich heeft toegelegd op “Sexualstrafrecht” en erfrecht en tevens pastoraal werker is. Opmerkelijke combinatie. Maar juist in die combinatie schuilt zijn meerwaarde als christen-jurist (stelt hij), want daardoor kan hij mensen op een dieper niveau helpen uit hun problemen te komen dan met “alleen maar” een schadevergoeding of dat soort dingen waar het in veel juridische geschillen uiteindelijk toch op uitdraait.

De hoofdrol was op de zaterdagochtend weggelegd voor Hans-Jürgen Abromeit, bisschop in ruste in de Evangelisch-Lutherse Kerk, met een referaat over “Wege der Konfliktlösung im Alten und Neuen Testament”. Hij hield een doorwrocht betoog over (typen van) conflicten in het Oude en Nieuwe Testament en hoe die al dan niet werden “opgelost”. “Recht und Rechtsbegriffe stehen am Ursprung von Glaube und Theologie”, was een van zijn stellingen.

In aansluiting daarop, nog diezelfde ochtend, zette David Rüger, rechter in het Hanseatische Oberlandesgericht, uiteen hoe allerlei processuele beginselen die in de Bijbel aanwijsbaar zijn, verankerd zijn in de huidige Duitse wetgeving. Met als meest principiële stelling: het voeren van een rechtsgeding moet niet worden beschouwd als “Krieg” (strijd, oorlog), want een “Krieg” leidt tot winnaars en verliezers, tot vijandbeelden. Dat moeten we niet willen.

Het laatste referaat werd zaterdagmiddag verzorgd door Wolfgang Sigler, een jurist die Benedictijner monnik is geworden. Hij zette de Psalmen 105 en 106 als “Zwillingspsalme” naast elkaar en bepleitte onder meer dat we meer aandacht moeten hebben voor de systemische achtergronden en/of oorzaken van conflicten. De rest van de zaterdagmiddag werd gevuld met de workshops.

Het format van de Bundestagung houdt in dat het programma ook rijkelijk voorziet in momenten van geestelijke opbouw: vrijdagmiddag een korte bidstond voor het weekend, zaterdagochtend het reeds genoemde ochtendgebed, zaterdag aan het begin van de avond gelegenheid om een avondmis bij te wonen en daarna een “Gebets- und Lobpreiszeit”, zondagochtend een “ökumenische Gottesdienst”. En daarna de “Zweiergespräche”: je zoekt iemand uit met wie je gedurende zo’n drie kwartier uitwisselt wat de conferentie jou heeft opgeleverd, of aan welke hulp je behoefte hebt, kortom: hoe je elkaar geestelijk en tevens praktisch kunt helpen en opbouwen.

Nederland?

Herhaaldelijk kreeg ik de vraag of wij in Nederland ook zoiets hebben als de vereniging Christ und Jurist. Mijn antwoord was dan: jawel; wij hebben er zelfs drie! Elk met hun eigen programma’s en activiteiten. Maar terwijl ik dit schrijf, zijn we bezig om die drie – niet te laten fuseren, maar wel – veel meer dan tot dusver gezamenlijk te laten optrekken. Bij een volgende gelegenheid hoop ik daar meer over te vertellen.

En tot slot voor nu: de oplettende lezer zal zich misschien ook afvragen wat dit alles met Paul Scholten te maken heeft; want daarover zou deze blog toch gaan? Ook daarop hoop ik binnenkort terug te komen. Zoals Timo Slootweg mij een keer schreef: “bij alles wat ik doe, is Scholten nooit ver weg”. Dat geldt ook voor mij en voor deze blog. Ook vanuit de Bundestagung zouden de verbindingen gemakkelijk te leggen zijn. Maar voor deze aflevering zijn mijn 1000 woorden op.

Verder lezen?

Nu jij!

Wat denk jij? Reageer hieronder!