5 december 2024 / 

 / 

Evangelie en recht

Het is 1939, de Tweede Wereldoorlog staat op het punt van uitbreken. Karl Barth, de grote Zwitserse theoloog, heeft een boekje gepubliceerd over “Rechtfertigung und Recht”. Paul Scholten, de grote Amsterdamse jurist, grijpt dit aan om in de pen te klimmen; het gaat immers over “Recht”. Wat leert de theoloog Barth hierover? En hoe reageert de jurist Scholten daarop?

Engel?

“Ieder mens moet zich onderwerpen aan de overheden, die boven hem staan. Want er is geen overheid dan door God en die er zijn, zijn door God gesteld.” Dat schreef Paulus aan de christenen in Rome in de tijd dat Nero keizer was over het Romeinse Rijk. Zij zaten – als je het al te letterlijk opvat, klinkt het welhaast cynisch – dicht bij het vuur. Een nogal stevige boodschap dus.

Maar het wordt nog erger als we bedenken dat het woord dat in Romeinen 13 wordt vertaald met “overheden” (NBG-vertaling 1951), op andere plaatsen in het Nieuwe Testament wordt vertaald met “engelen”. De overheid als Engel? Nero? Ja, zo beschouwt Barth inderdaad de overheid in het genoemde boekje: als een engel – hetzij een goede of een slechte. Hoe kijkt Scholten daar tegenaan?

Hij reageert in eerste instantie droogjes met:

“Een niet-theoloog, die over recht en staatsleer handelt, staat tegenover dit alles wat vreemd, wat aarzelend, hij weet niet recht, wat er mee aan te vangen. Aan Engelen kan hij gelooven — in een betoog vinden zij niet gemakkelijk hun plaats.”

Maar daar laat hij het niet bij. Als wij theologisch, vanuit de Bijbel, willen spreken over de overheid, kunnen we allereerst de wetten en de geschiedenis van het oude Israël erop naslaan. Velen doen dat; en dat is waardevol – maar het is niet voldoende. Barth richt zich daarentegen exclusief op het Nieuwe Testament; ook dat is te eenzijdig.

Wij moeten, aldus Scholten, het Oude Testament verstaan in het licht van het Nieuwe Testament, al wat het eerste verkondigt aan het laatste onderwerpen. Want ook het Oude Testament is vanuit christelijk perspectief bezien “een stuk van de Openbaring in Jezus Christus. Alleen als zoodanig, niet als het religieuze boek van het volk van Israël, heeft het voor ons als Christenen bindende beteekenis”. We moeten “de openbaring van Jezus Christus in het middelpunt stellen”. Hoe?

Afstand en samenhang

Barth stelt in het genoemde boekje de geschiedenis van Jezus voor Pilatus centraal. Die geschiedenis toont als het ware de twee zijden van de verhouding tussen God en Keizer, geloof en staatsburger­schap, evangelie en recht. De ene zijde is te vinden in Johannes 18:36, waar Christus zegt tegen Pilatus: “Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld”. Dat toont de afstand. Die afstand is om zo te zeggen hemelsbreed. En hier geldt bovendien dat het Koninkrijk van God ver bóven alle aardse koninkrijken uit gaat.

De andere zijde vinden we even verderop, in Johannes 19:11, waar Christus zegt tegen Pilatus: “U zou geen enkele macht tegen Mij hebben, als het u niet van boven gegeven was”. Daar ligt de samenhang. De aardse machten staan niet los van Gods macht: de macht van Pilatus (ook geen lieverdje) is van boven, van God gegeven.

Met deze beschouwing slaat Barth de spijker op de kop, aldus Scholten. Terzijde: dit is weer typisch Scholten. Er is sprake van een “dialectische” verhouding, dat wil zeggen: er zijn twee, op zichzelf beschouwd tegenstrijdige begrippen, die niettemin elkaar veronderstellen en vasthouden. De afstand houdt verband met het feit dat alles wat hier gedaan wordt, gebrekkig blijft. De samenhang brengt mee dat wij niet onverschillig mogen staan ten opzichte van recht en staat. In Scholtens woorden:

“Krachtens Gods wil leven wij in deze wereld in een gemeenschap. Aan de vorming van die gemeenschap hebben wij te arbeiden. En waarlijk, wij mogen daarbij geen trage arbeiders zijn.”

Deze gedachte van dialectiek van afstand-en-samenhang doortrekt heel het opstel. Maar ik wil hier nog een ander element noemen.

Bijbel, democratie, rechtsstaat, mensenrechten

Anno 1939 werd de tegenstelling tussen – wat Scholten noemt – totale en liberale staten c.q. tussen dictatuur en democratie heel scherp. Als dat de enige keuze is, dan kiest Scholten voor de rechtsstaat: “Er is verschil tusschen den rechtsstaat en den totalen staat. Den Christen is de eerste nader”. De totale staat is demonie, die van de Kerk besliste en onvoorwaardelijke afwijzing vraagt.

Maar die (negatieve) keuze voor de rechtsstaat wordt ook meteen gerelativeerd:

“Wij kunnen van den Bijbel uit niet komen tot de vrijheidsrechten, die de Grondwetten der liberale Staten kennen, (…) maar wel kan uit den Bijbel worden betoogd, dat er ergens voor den Christen een vrijheid moet zijn, waar de Staat niet huist”.

De vrijheid geldt de Kerk en het individu. Naar beiden toe moet de staat beperkingen in acht nemen.

En wat de democratie betreft, als men daarmee bedoelt vrijheid van drukpers en vergadering, parlementarisme, dan moeten wij die met alle macht verdedigen. Maar:

“ik ben heel huiverig om naar een bijbelschen grondslag voor deze historisch geworden zaken te zoeken. (…) We moeten oppassen met de ,,democratie” geen religieus spel te beginnen (…) zij is niets dan een staatsvorm, zij het dan de voor het ogenblik beste staatsvorm”

Hiermee zet Scholten, als jurist altijd principieel vanuit het recht denkend, zich af tegen Barth (en anderen, zoals zijn eigen collega, vriend en geestverwant Philip Abraham Kohnstamm; beiden geen jurist), die de beginselen van democratie en rechtsstaat wel uit de Bijbel meent te kunnen afleiden c.q. op de Bijbel te kunnen funderen. Dat levert spannende vragen op naar de praktische betekenis van dat verschil van inzicht. Maakt het in de juridische en politieke praktijk van alledag iets uit of je de ene dan wel de andere visie huldigt? Daar kan ik in dit bestek niet op ingaan. In ieder geval levert de visie van Scholten behalve inspiratie ook een aantal heldere bakens op, waarop wij ook nu nog kunnen koersen, zou ik menen.


Het artikel “Evangelie en recht” is te vinden op de site van het Digital Paul Scholten Project: https://paulscholten.eu/cp/wp-content/uploads/14.pdf .

Wij hopen het artikel te bespreken op de Scholten-leeskring te Rotterdam, donderdagavond 19 december 2024. Krijg hier meer informatie

Beeld: ZVAB 

Verder lezen?

Nu jij!

Wat denk jij? Reageer hieronder!